Het aantal kinderen met allergieën stijgt!


Triest maar waar: het aantal kinderen, dat in plaats van een onbezorgde kindertijd b.v. door neurodermitis, hooikoorts, astma of levensmiddelallergieën geplaagd wordt, neemt steeds meer toe. Begrijpelijk dus, dat steeds meer ouders over het allergie-risico van hun kinderen beginnen na te denken.


Hoe hoog is het allergierisico voor ons kind?

Het goede nieuws eerst: wanneer de ouders en de rest van het gezin geen allergieën hebben, heeft ook de nieuwe baby goede vooruitzichten om zijn eerste levensjaren zonder jeukende eczemen, lopende neuzen en ademnood te kunnen genieten. Als er in het gezin (ouders, broertjes of zusjes) allergieën voorkomen, stijgt de waarschijnlijkheid dat de baby een allergie heeft. Naast het erfelijke risico heeft allergie-onderzoek in de afgelopen jaren nog andere factoren kunnen vaststellen, die het allergie-risico verhogen. Komen kinderen bv. zeer vroeg met allergieveroorzakende stoffen (zie links onder op bladzijde 13) in contact, kan dat de ontwikkeling van een allergie bevorderen. Vanzelfsprekend speelt hierbij naast de leeftijd van het kind ook de concentratie van de problematische stoffen een belangrijke rol. Van uiterst belang dient in deze samenhang te worden gewezen op de gevaren van het passieve roken voor baby`s en kleine kinderen! Een verder resultaat van het allergie-onderzoek: kinderen, die hun immuunsysteem reeds op vroege leeftijd b.v. door een behoorlijke infectie (verkoudheid) aangesterkt hebben, ontwikkelen later minder allergieën.


Allergenen, d.w.z. allergieveroorzakende stoffen, zijn veelvoudig van natuur; evenals de weg, die ze afleggen om in ons lichaam te komen. Allergenen kunnen b.v. worden ingeademd (pollen), wij nemen ze met voeding in ons op, waar ze via de darm in het bloed belanden, ze bereiken ons via huidcontact (nikkelallergie) en zijn bijzonder agressief wanneer ze direct in het bloed komen (insectenbeten of infuus). Zo verschillend als de allergenen zelf, kunnen ook het tijdsverloop en de ernst van de allergische reacties zijn. Waar b.v. de wespensteek bij een insectenallergie binnen enkele minuten tot een levensbedreigende toestand kan leiden, kan de reactie op een nikkelbevattende jeansknoop op de buik pas na dagen als een rood puistje zichtbaar worden.

Neurodermitis – om gek van te worden!

Deze huidziekte kan kleine baby`s reeds in de eerste maanden van hun leven tot het uiterste drijven. Terwijl de kleintjes door een bijna ondraaglijke jeuk worden geplaagd, kwellen de ouders zichzelf met een poging om de veroorzaker te achterhalen en met het vinden van een effectieve therapie. Patentrecepten zijn er niet, neurodermitis kan verschillende oorzaken hebben. Naast de erfelijke aanleg, het type huid, de psyche van het kind, allergieën en invloeden van buiten zoals kleding, temperatuur en watercontact. Zo talrijk als de mogelijke oorzaken, zo groot is inmiddels ook het therapie-aanbod. Sommige brengen inderdaad verlichting, andere maken alleen uw portemonnee lichter. Een klein sprankeltje hoop: bij een groot aantal kinderen verdwijnt neurodermitis voor het derde levensjaar – om tot een ieders geluk nooit meer terug te komen!

Hooikoorts – niet alleen in het voorjaar

Hooikoorts geldt als de meest voorkomende allergie en maakt met tranende ogen en een druipneus vele kinderen het leven moeilijk. Als de druipneus slechts een paar weken per jaar aanhoudt, is waarschijnlijk een pollenallergie het probleem; als de symptomen het hele jaar door voorkomen, kan een allergie tegen huisstof de oorzaak zijn. Als de neus alleen in bepaalde situaties begint te lopen, kan bijvoorbeeld een allergie tegen dierenharen de boosdoener zijn. Door ouders bijzonder gevreesd is de zogenaamde “etageverschuiving” van symptomen. Daarbij gaat de hooikoorts over in een aandoening in de diepere luchtwegen om zich zo tot een bronchiale astma te ontwikkelen. Om dit te voorkomen, raden kinderartsen aan, hooikoorts meteen serieus te behandelen en met doelgerichte medicijnen en vermijding van de allergenen de allergische reacties te verhinderen of minstens te reduceren.

Bronchiale astma – wanneer kinderen geen lucht krijgen

Wanneer de spieren in de bronchiën zich samentrekken, de slijmhuid opzwelt en het taaie slijm slecht kan worden opgehoest, heeft u het met een allergisch noodgeval te doen! Het betroffen kind lijdt aan een astma-aanval – wat als een uiterst bedreigend gevoel wordt ervaren. Door angst en zorgen geplaagd, zoeken ouders naar oorzaken. Evenals bij neurodermitis, wordt ook astma niet alleen als een allergische reactie gezien. D.w.z. bij een astma-aanval komen meer „schuldigen” in aanmerking. Zoals de schadelijke stoffen in de lucht (tabakrook), allergenen, een infectie, lichamelijke belasting, stress enz. Terwijl astmaaanvallen in de eerste paar jaren van een kind vaak door infecties worden veroorzaakt, spelen in latere jaren pollen, huisstof en mijtuitwerpselen een steeds grotere rol. Goed om weten: astma geldt als de meest bedreigende van alle allergische reacties, maar is tegelijkertijd tevens een aandoening die met medische begeleiding en consequente ondersteuning van de ouders goed onder controle is te krijgen! Goede vooruitzichten: bij een aangenaam hoog percentage kinderen verdwijnt de aandoening na de puberteit!

Ademnood, jeuk over het hele lichaam of rode blaasjes rond de buiknavel – elk van deze reacties kunnen door een allergie worden veroorzaakt. Ons immuunsysteem heeft de opdracht, vreemde deeltjes te herkennen en eventueel onschadelijk te maken, zoals dat b.v. bij de bestrijding van ziekteverwekkers geschiedt. In een soortement geheugen worden hierbij de kenmerken van de „indringer” opgeslagen, zodat bij een tweede contact nog sneller en effectiever kan worden gereageerd. Zolang deze strategie voor de bestrijding van ziekteverwekkers geldt, is dit zeer zinvol en zelfs van levensbelang. Problematisch wordt het pas, wanneer het immuunsysteem op eigenlijk ongevaarlijke stoffen uit onze omgeving allergisch, d.w.z ziekelijk reageert. In praktisch alle gevallen gaat het bij deze allergie-veroorzakende stoffen om eiwit-verbindingen, b.v. in pollen, dierenharen of levensmiddelen.